Leesfragment en publicaties

Wat je zaait zul je oogsten

 

Wat de mens zaait, zal hij oogsten. Nou, als u iets lelijks gezaaid heeft, dan heeft u het slechte in u opgenomen. En dat, wat u in uzelf heeft opgenomen, geeft u door, en dat komt weer naar u terug. Wie deze ervaring nog niet gehad heeft, nou die is gauw aan de beurt.
De mens moet weten, waarom hij hier op deze goddelijke aarde, zoals hij zegt, een leven lang mag zijn. En waarom God hem dit ene – zijn lichaam in bruikleen heeft gegeven.
Als hij echter weer ten prooi valt aan het kwade, als hij weer naar het kwade luistert, als hij kwade gedachten in zich opneemt, dan zal hij langzamerhand het goede werkelijk weer verliezen.
Ja, u hebt geloofd dat dit zomaar ging, en nu komt Gröning, zoals u dat gewend bent van mensen als u naar de dokter, naar de therapeut gaat, die maakt daar dan zo’n hocus-pocus en – klaar.
Nee, vrienden, zo is dat niet.
Het komt niet op Gröning, maar het komt op uzelf aan.
Het helpt immers helemaal niets.
Het komt ook niet op God aan, het komt op u aan.
God doet al het juiste. God heeft alles al bestemd. Alleen moet u geloven.
Ik weet dat mensen tegenwoordig zozeer met zichzelf zijn ingenomen; zij staan hierboven.
“Wie gelooft er tegenwoordig nog in God, dat is toch een sprookje.
Nou ja, een religie moet je wel hebben en de domme moet je op de een of andere manier ergens naartoe leiden en die moet je dan laten geloven dat er een God bestaat”

Ook zulke mensen bestaan er.

Ik kan ook niet genezen. Maar ik kan u, ik kan ieder mens naar het heil leiden.
Ik kan helpen en dan aan ieder mens de verbinding teruggeven die hij werkelijk nodig heeft,
de verbinding met God.
God geeft hem immers alles, maar hij leert er niets van als God hem dat ene zo zou geven.
Hij heeft het recht niet, ook niet het minste recht, ook maar het geringste te verlangen –
verkrijgen kan hij het slechts.
Als hij, de mens, zich van het kwade losmaakt, als hij de wil heeft het goede, het Goddelijke in zich op te nemen, dan doet hij het juiste, dan zal hij dat ook aan zichzelf, aan zijn eigen lichaam voelen.
Verlangen,”eisen”, kunnen we niets, helemaal niets.

Fragmenten uit de voordracht ‘De Mier”.

De uitgave van deze voordracht in boekvorm van 21  pagina’s is verkrijgbaar bij de stichting.

Verkrijgbare voordrachten in Nederlandse vertaling: